zaterdag 7 oktober 2017

Nietflix

Anders dan veel anderen heb ik een abonnement op Nietflix. Daarom zie ik veel series die mensen om mij heen wel kijken niet. Ik hoor ze erover praten bij de koffieautomaat, maar sta met mijn mond vol tanden en buiten spel. Iemand met een abonnement op Nietflix staat in feite buiten de maatschappij. Binnen de samenleving dient het namelijk over Game of Thrones, Narcos, The Bridge of House of Cards te gaan. Dat niet gezien hebben is op zijn minst asociaal en in elk geval achterlijk.
Ik zal het maar meteen bekennen: mijn lidmaatschap op Nietflix heeft met zuinigheid  te maken. Nietflix is namelijk gratis. Ik hou van gratis. Op zaterdagochtend struin ik mijn AH altijd af op zoek naar blokjes kaas, plakjes worst, belegde toastjes, brokjes brownie en bekertjes drinkyoghurt van een nieuw merk. Vol en verzadigd kom ik dan thuis. Dat spaart een maaltijd uit. Maar dit terzijde, terug naar Nietflix.
Nietflix vind je bij de openbare bibliotheek. Bakken vol met series op dvd. Borgen seizoen 1,  2 en 3, Breaking Bad alle seizoenen, The Killing idem dito. Weliswaar gedateerde seizoenen, maar nog redelijk bij de tijd. Goede verhalen zijn natuurlijk tijdloos. Dus via Nietflix kijk ik zonder enige gêne gratis naar de eerste serie van Borgen uit 2011.
"Borgen seizoen 1 ?!" toeterde iemand toen ik mijn bekentenis deed. "Je gaat toch ook niet nu voor het eerst naar Sergeant Pepper luisteren ?!"
Ik dus wel, hè, ik ken de Beatles al enigszins, maar ik luister net zo makkelijk voor het eerst naar een plaat uit '67 als naar een Deense serie van zes jaar geleden. Kan mij het schelen. 
"Maar je mag Fargo niet missen!" Hoezo? Ik heb de film van de Coen Brothers al meerdere malen gezien. "Ja, de film, maar de serie is nóg beter!" O ja, joh.
Nee, voorlopig blijf ik bij Nietflix. Gewoon zonder druk van buitenaf een serietje kijken. Borgen 2 heb ik bijna afgekeken, daarna seizoen 3. En dan heb ook nog The Legacy serie 3 liggen. Thomas is er niet meer bij heb ik al begrepen. Dood. Jammer.



vrijdag 22 september 2017

Woordenschat

'Prudent,' zei iemand vanmiddag. In welk verband ben ik allang vergeten, te gefixeerd als ik was op het woord zelf.
Prudent. Ik mompelde het even half hardop voor mezelf. Wat raar was, want ik zat in een zaaltje met honderd mensen. De mevrouw naast me, die met die bril ja, zag ik, nee, voelde ik naar mij kijken. Beginnende dementie, dacht ze.
Prudent. Het was de directeur voortgezet onderwijs van het ministerie. Ze zei het alsof ze het dagelijks zei. Of meerdere malen op een dag. Prudent ja, zó prudent, heul prudent, ik zeg: prudent.
Prodent ken ik. Dat staat bij mij thuis op de wastafel. Hoewel ik Sensodyne repair en protect prefereer. Prodent, wie kent het niet? Niet dat ik het vaak zeg, maar vaker dan prudent. Dat zeg ik namelijk nooit.
Prudent. Het ging hier niet om een nieuw tandpastamerk, zoveel was duidelijk. Althans, waarom zou zo'n hooggeplaatste ambtenaar het over tandpasta hebben? Tijdens een bijeenkomst over PISA, en dan niet die stad van de toren. 
Schokkend voor mijn ego: ik zag verder niemand verrast opkijken, nadat de directeur van het ministerie het woord had genoemd. Prudent. Ik was de enige die het niet wist. Natuurlijk zaten er smartphoneverslaafden in de zaal die het stiekem opzochten. Maar die zouden niet laten blijken dat ze het niet kenden. Die zouden het in de theepauze zelf inzetten, quasi nonchalant, alsof ze het al jaren tot hun woordenschat rekenden. Prudent zou niet van de lucht zijn.
Prudent:
1) Bedachtzaam 2) Goed nadenkend 3) Verstandig 4) Vol inzicht 5) Voorzichtig 6) Wijs inzicht met...
Ja ja. 
En dat voor de vrijdagmiddag.
Volgende keer in deze rubriek: opportuun. Gezegd door de barman van Café Ome Joop, terwijl hij voor mij een biertje tapte.

En dan nu The Beatles met Dear Prudence



dinsdag 19 september 2017

Wat ga je vandaag doen?

Ik had er nooit zo bij stilgestaan, maar je kunt je dag flink ontregelen door met een fout ontbijt te starten. Meestal doe ik maar wat. Een ontbijt doordeweeks is toch een beetje van rats rats rats dingen naar binnen stouwen, zodat je de uren erna voldoende brandstof hebt om je taken te volbrengen. Red je het niet tot de lunch, dan is er altijd nog de escape van de koektrommel. Ik ken wel mensen die zelfs van hun morgenmaal al een uitgebalanceerde en verantwoorde happening maken - havermout, zemelen, vruchten, noten, sojamelk - maar dat soort lieden roepen toch de nodige scepsis over zich af. Die doen slechts mee aan ontbijthypes die over enkele maanden weer compleet achterhaald zijn. De veronderstelde gezondheidswinst wordt compleet opgeheven door dat hijgerige en stressvolle trendjevolgen.
Dat dacht ik altijd. Tot ik enige tijd geleden neerstreek bij een hotelvestiging van Hampshire. Een overnachting met een ontbijtbuffet waarvan je schier oneindig door mocht blijven eten. Niet dat ik dat deed natuurlijk, want ik ken mijn grenzen. Maar het ontbijtbord waarmee ik uiteindelijk bij mijn tafeltje arriveerde, was toch iets royaler ingericht met etenswaren dan normaal. 
Op tafel prijkte een placemat die mij als argeloos ontbijter een prangende vraag voorlegde: "Wat gaat u doen vandaag?" Daaronder stonden vijf opties die voelden als een verplicht keuzemenu. Zou ik erop uitgaan, gaan shoppen, gaan denken, actief worden of zou ik helemaal niets gaan doen? Na iedere mogelijkheid volgde een lijst van bijpassende ingrediënten. Bij denken bijvoorbeeld luidde de suggestie "volkoren boterhammen, margarine, oude of belegen kaas, gerookte vis, gekookt eitje, glas melk, kopje koffie". En bij shoppen "ontbijtgranen of noten met yoghurt, volkoren boterham met gerookte vis, gekookt eitje, fruitsalade, groene thee".
Nu was ik daar voor een weekend uitblazen, dus "helemaal niets" leek mij vooralsnog het meest bij mijn situatie passen. Helemaal zeker daarover was ik niet, want ik had een fiets gehuurd voor de broodnodige "actie" (rijk gevulde bio-muesli en dikke plak bruin brood!) en aangezien ik met mijn vrouw op pad was, kon een dag zomaar ontaarden in "shoppen". 
Ik liet mijn blik kritisch over mijn bord gaan. Enerzijds was dit typisch een denkontbijt. Maar mijn voorkeur voor zoet beleg sloot weer naadloos aan op een dagje helemaal niets. Ik had zowel koffie als vruchtensap als een banaan en cornflakes. Van de eieren ben ik niet zo, dus had ik gekozen voor een lokale lekkernij, een soort krentenbrood.
Nadat ik me had volgegeten en daarvan op mijn kamer een uurtje bij moest komen werd ik al direct geconfronteerd met mijn onuitgebalanceerde ontbijt. Ik wilde niets doen, maar dacht voortdurend na met een sterke neiging tot actie. Toen we eindelijk wegfietsten bij het hotel, reden we linea recta de shopzône in van het dorp waar we logeerden. Er was iets flink mis. Het rommelde niet alleen in maag en darmen, er was ook chaos in mijn hoofd. "Eropuit!" riep mijn rechterhersenhelft. "Denk na!" schreeuwde de linker.
Sindsdien (w)eet ik beter. Ik ontbijt alleen nog maar volgens voorschrift. Dankzij Hampshire Hotels.



vrijdag 18 november 2016

Zien dat het goed is

Het zou nog spannend worden: we zouden een vader achterlaten van wie de gezondheid zienderogen achteruitging. Maanden tevoren hadden we de mondelinge invitatie al ontvangen. Niet direct van het aanstaande bruidspaar, maar via onze broer en schoonzus. Ergens in juli 2016 op het Griekse eiland Andros ging het gebeuren. Iedereen mocht komen. Nadere inlichtingen zouden volgen. Een golf van opwinding spoelde door de familie. Een bruiloft in Griekenland, wanneer maak je dat mee? Wanneer maakte je überhaupt nog een bruiloft mee tegenwoordig?
In januari kwam https://sofiathomaswedding.wordpress.com/ελληνικά/ online met de beloofde nadere informatie. Over waar en wanneer, over hoe op Andros te geraken en hoe je er te vermaken. En natuurlijk over de hoogtij zelf die bestond uit de beach party vooraf, de bruiloft zelf op Grieks orthodoxe wijze en de afterparty een dag later. Vliegtuigen werden geboekt, veerboten, accommodatie. Er moest feestkleding worden aangeschaft. Geen sinecure, want wat trek je aan op een Griekse bruiloft bij 30°C?
Hij zat in zijn stoel en luisterde, onze vader, naar onze opgewonden voorpretgesprekken als we op visite kwamen in zijn kleine kamertje in het bejaardentehuis. Een van zijn kleinzoons ging trouwen, en hij zou er niet bij zijn. We regelden bezoekers tijdens onze afwezigheid en vroegen de verzorging een extra oogje in het zeil te houden. De laatste tijd was hij regelmatig gevallen en werd hij brozer en brozer. We lazen de kleine lettertjes van de annuleringsverzekering aandachtig. En verder was het een kwestie van bidden en hopen dat het goed ging.
Hij heeft de ansichtkaarten nog ontvangen en de foto's nog gezien. Zelden waren vakantiefoto's feestelijker en zonniger dan deze op de iPad. Hij zag dat het goed was, onze vader, hij genoot van ons genieten, zijn nageslacht, feestelijk en zomers bruin.
Hij haalde half september, 91 jaar en 8 maanden oud.
Andros

Rechts de bruidegom

maandag 29 augustus 2016

Ons Soort Mensen

Op Auckland International Airport hangt een spandoek met 'You've made us proud' erop, een boodschap aan de olympische sporters die eerder deze week waren teruggekeerd uit Brazilië. Geen idee wat de medailleopbrengst is voor de kiwi's, maar ik denk dat het spandoek al klaar lag nog voordat er één sporter was afgereisd naar Rio. Waarschijnlijk is het zelfs hetzelfde ding als vier jaar geleden. 
Oké, de New Zealandse spórters kunnen trots zijn op de geleverde sportprestaties, hoe gering misschien ook - één miezerige bronzen plak voor snelwandelen of een achtste plaats bij de hink-stap-sprong, ik heb echt geen idee. De spórters moesten aan de bak na jarenlange training. Maar kun je ook trots zijn op iets waaraan je zelf niets hebt bijgedragen? De gewone man of vrouw uit Nieuw Zeeland heeft niet meer kunnen doen dan een beetje meeleven. Als hij of zij een beetje sportminded is. En dus slaat dat 'us' ook al nergens op. Je zult maar een hekel hebben aan sport, die hele olympische santenkraam gemeden hebben als de pest. Word je gewoonweg ongevraagd en tegen je wil op een spandoek meegenomen.
Dat te pas en te onpas gebruiken van 'ons' staat me enorm tegen. Het is een vorm van sluiknationalisme waar ik niet in mee wil gaan. Als het Nederlands elftal wint zijn het 'onze' jongens, zodra er verloren wordt, worden de spelers ineens met het afstandelijke 'zij' geduid. En o, wat zijn we trots op onze Deltawerken. En die polders? Ja, wij maken ons eigen land! We stoppen onze vingers in de dijk.
Helemaal bont maakt die dwaas uit Venlo het. Nederland wordt weer van 'ons'. Nou, zijn Nederland is mijn Nederland niet, dus wanneer is hij van plan zijn biezen te pakken.  Ons land is te klein voor ons allebei.
En ik ben zo trots op al die landgenoten die dat ook vinden. OSM zeg maar.